Wie ben jij?


Door: Sjouke van der naalt

Wie ben jij? Is een vraag die iemand zomaar aan u kan stellen. Wie ben jij en waar kom jij vandaan? wat is je achtergrond. Op deze vraag kunnen veel antwoorden op gegeven worden. Mijn eigen ervaring is, dat de meeste Nederlanders niet weten wie ze in werkelijkheid zijn, wat is hun oorsprong, wat is hun achtergrond want helaas kennen velen niet echt hun vaderlandsgeschiedenis. Ook christenen weten niet wie zij in werkelijkheid zijn. Natuurlijk denken zij dat ze goed door hun predikanten zijn ingelicht. Maar als je deze informatie naast de Bijbel zal leggen komt men al snel achter dat dit niet parallel loopt met Mozes, profeten en de Psalmen. Daarom is het belangrijk om deze vraag ook aan u luisteraars te stellen; Wie ben jij?

Ik hoop dat ik met de hulp van de Heilige Geest van God u een antwoord te geven op deze zo op het oog lijkende gemakkelijke vraag, die later moeilijk blijkt te beantwoorden.

Ik ga voor u proberen toch een duidelijk antwoord te geven vanuit Mozes, Profeten en de Psalmen en uit de lering van onze Here Jezus en Zijn apostelen het goede antwoord te geven; en daarom begin ik met de evangelist Mattheüs.

Mattheüs 13:44 “Het Koninkrijk der hemelen is gelijk aan een schat, verborgen in een akker, die een mens ontdekte en verborg, en in zijn blijdschap erover gaat hij heen en verkoopt al wat hij heeft en koopt die akker.”

Israël het volk van God is nog steeds de verborgen schat in de akker die de Here Jezus heeft gevonden en dit volk met Zijn Leven en kostbaar bloed heeft vrijgekocht. Maar weinig Christenen hebben deze tekst begrepen, daarom is het goed ons zelf de vraag te stellen: “wie is een Israëliet?” Het antwoord op deze vraag kan u op een van de grootste ontdekkingsreizen van uw leven nemen.

Aanvankelijk zal de vraag voor u misschien onbelangrijk lijken. U mag er één zijn van een groep gelovigen die zegt: “Wat maakt het uit of ik een Israëliet ben of niet?” U zult misschien verbaast zijn om te horen dat niet veel mensen in de wereld, ingesloten de meeste predikanten, die u geen eerlijk en betrouwbaar antwoord op deze vraag kunnen geven?

Kan ik u misschien uitdagen, om te weten te komen, dat de Schepper van de hemel en aarde het graag wil dat u een antwoord zal krijgen? Mensen, er is een schat die het waard is om gevonden te worden. Er is een antwoord op de vraag, “Wie is een Israëliet?” Neem de tijd om te zoeken, dan gaat u op één van de grootste ontdekkingsreizen van uw leven.

Het zal u misschien verbazen dat de Here Jezus Christus naar de aarde gekomen is om naar een verborgen schat te gaan zoeken? Weet u dat Hij die schat gevonden heeft en deze met Zijn eigen leven betaald heeft? Hoe ongelofelijk dit ook mag klinken, Jezus Christus is naar deze wereld gekomen om die verborgen schat te zoeken. Hij heeft deze verborgen schat gevonden, en deze met Zijn eigen kostbaar bloed gekocht. Hij heeft de akker gekocht en daarin de schat opnieuw verborgen zodat Hij die verborgen schat kon opeisen. Hij is niet voor de akker gestorven of de wereld, maar voor de verborgen schat die daarin verborgen was. Hij heeft met recht gezegd:”Ik ben slechts gezonden tot de verloren schapen van het huis Israëls.”


Die verborgen schat in de akker, met die kostbare parel is niemand anders dan het volk Israël.

Mattheüs 13:44-45:“Het Koninkrijk der hemelen is gelijk aan een schat, verborgen in een akker, die een mens ontdekte en verborg, en in zijn blijdschap erover gaat hij heen en verkoopt al wat hij heeft en koopt die akker. Evenzo is het Koninkrijk der hemelen gelijk aan een koopman, die schone parelen zocht. Toen hij een kostbare parel gevonden had, ging hij heen en verkocht al wat hij had, en kocht die.”

Wie is Israël? Zij zijn die verborgen schat in de akker, de kostbare parel. De naam Israël komt 2290 keer in de Bijbel voor en God heeft 186 keer gezegd dat Hij de God van Israël is! En wat ook belangrijk is om te weten dat de naam Israël niet synoniem is aan de naam Jood.


Joden zijn geen Israëlieten

Alle waarachtige Judeeërs zijn Israëlieten en zijn afkomstig van de stam Juda. In Openbaring 1:9 en 3:9 lezen wij van diegenen die voorgeven om Judeeërs te zijn bedreigers zijn. Al de twaalf stammen van Israël dus al de twaalf zonen van Jakob zijn Israëlieten. Slecht diegenen die van Juda (de vierde zoon van Jakob en Lea) afstammen kunnen correct Judeërs genoemd worden. Het woord of naam Jood (Yee-hoo-dee) komt slechts tien keer voor in het gehele Oude Testament. Acht van de tien keer komt dit voor in het boek Ester.

Het woord Jood komt voor de eerste maal voor in Ester 2:5, ongeveer 518 v.Chr. Abraham is ongeveer 1921 v.Chr. geroepen uit Ur der Chaldeeërs, dat is duizend jaar voordat het woord Jood gebruikt werd. Bedenk wel: behalve in het boek Ester, komt het woord jood nog tweemaal voor in het gehele Oude Testament!

Het woord Jood volgens Strongs Exhaustive Concordance betekend Yeh-hoo-dee, een afstammeling van Juda. Het woord Joden verschijnt slechts drie-en-zeventig keer in het hele Oude Testament, waarvan drie-en veertig maal in het boek Ester. Wanneer wij dus vragen wie is een Israëliet? Dan moet men bedenken dat dit een zeerbelangrijke vraag is, want Israëlieten zijn zeker geen Joden, alleen uit de stam Juda komen de echte Judeërs voort. De Tien stammen zijn nooit Joden geweest of zo genoemd. Het Oude Testament kan dus nooit een Joods boek genoemd worden. Verder is het woord Jood zeker geen synoniem. Dit zou onschriftuurlijk zijn.

De naam Jood was oorspronkelijk beperkt tot iemand die uit Juda kwam, of die stam die zijn naam draagt. Zeker kan er niet één uit de stam van Juda, een Jood genoemd worden. Met deze bepekte definitie, zal een Jood (zuivere afstamming van Juda) altijd een Israëliet zijn (die afstammelingen van Jakob-Israël zijn, de vader van de twaalf stammen van Israël), de mensen van de andere stammen, kunnen onder geen enkele omstandigheden, Joden genoemd worden.

Alle ware, Bijbelse verifieerbare Joden (Judeërs) zijn Israëlieten, maar niet alle Israëlieten zijn Joden of Judeërs. Dit onderscheid is zeer belangrijk, omdat er veel lieden zijn die zich Joden noemen maar niet afstammen van Juda of huis van Israël, en komen niet voort uit de kleinzoon van Abraham Isaäk. 95% van de huidige Joden stammen niet af van de stam Juda, of huis van Israël, het zijn zelfs geen Hebreeërs!

Om een goed inzicht te krijgen in het huidige jodendom moet men het boek van de auteur Arthur Koestler, “The Thirteenh Tribe” lezen. Deze welbekende Joodse schrijver heeft ongelofelijk veel onderzoekswerk gedaan door de geschiedenis van de moderne Joden te onderzoeken vanaf het begin. Hij heeft ontdekt dat de moderne Joden niet van Abraham, Isaäk of Jakob afstammen.


Bijbels Getuigenis

Wie is een Israëliet? Deze vraag zal voor u meer betekenis krijgen als wij eerst een kort overzicht geven uit een menigte verzen die de Bijbel geeft. Het gewicht van een Bijbelse getuigenis is van grote betekenis en waarde, waar rekening mee moet worden gehouden als we willen weten wie een Israëliet is. De Bijbel is een brief of document van God aan Zijn volk Israël. Elke schrijver van de Bijbel was een Israëliet. De gehele Bijbel is aan, en voor Israël geschreven. De gehele Bijbel vanaf Genesis tot Openbaring, licht het focuspunt op Israël.

Als u een ware gelovige bent, en een volgeling van Jezus Christus, dan zal u zeker antwoord krijgen op de vraag “wie is een Israëliet?” Jezus was een Israëliet! Al de apostelen waren Israëlieten. Al de primaire personen in de Bijbel waren Israëlieten. Het is goed mogelijk dat u wat u nu leest zelf een Israëliet bent. Terwijl u hierover nadenkt leest dan aandachtig de volgende Schriftgedeelte die van Israël spreken.

Deuteronomium 4:37 “Omdat Hij uw vaderen heeft liefgehad en hun nakroost heeft uitverkoren, heeft Hij zelf u met zijn grote kracht uit Egypte geleid.”

Deuteronomium 7:6 “Want gij zijt een volk, dat de Here, uw God, heilig is; u heeft de Here, uw God, uit alle volken op de aardbodem uitverkoren om zijn eigen volk te zijn.”

Deuteronomium 14:2 “Want gij zijt een volk, dat de Here, uw God, heilig is, en u heeft de Here uitverkoren om Hem een eigen volk te zijn uit al de volken, die op de aardbodem wonen.”

Deuteronomium 32:8 “Toen de Allerhoogste aan de volken hun erfenis toedeelde, toen Hij de mensenkinderen van elkander scheidde, heeft Hij de grenzen der volken vastgesteld naar het aantal der zonen van Israël. Want des Heren deel is zijn volk, Jakob het Hem toegemeten erfdeel.”

2 Samuel 7:24 “Gij hebt U uw volk Israël voor altijd bevestigd tot uw volk, en Gij, Here, waart hun tot een God.”

Psalm 135:4 “Want de Here heeft Zich Jakob verkoren, Israël tot zijn eigendom.”

Psalm 100:3 “Erkent, dat de Here God is; Hij heeft ons gemaakt, en Hem behoren wij toe, zijn volk, de schapen die Hij weidt.”

Jesaja 44:1 “Maar nu, hoor, o Jakob, mijn knecht, en Israël, die Ik verkoren heb.”

Jesaja 44:21 “Denk hieraan, Jakob; Israël, want gij zijt mijn knecht; Ik heb u geformeerd, gij zijt mijn knecht, Israël; gij wordt door Mij niet vergeten.”

Jesaja 45:4 “Ter wille van mijn knecht Jakob en van Israël, mijn uitverkorene, riep Ik u bij uw naam, gaf u een erenaam, hoewel gij Mij niet kendet.”

Jeremia 2:3 “O gij geslacht, verneem het woord des Heren: Ben Ik voor Israël een woestijn geworden of een land van dichte duisternis? Waarom zegt dan mijn volk: Wij zijn weggelopen, wij zullen niet meer tot U komen?”

Jeremia 31:31 “Zie, de dagen komen, luidt het woord des Heren, dat Ik met het huis van Israël en het huis van Juda een nieuw verbond sluiten zal.”

Ezechiël 36:26 “Een nieuw hart zal Ik u geven en een nieuwe geest in uw binnenste; het hart van steen zal Ik uit uw lichaam verwijderen en Ik zal u een hart van vlees geven.”

Hosea 2:19 “Ik zal u Mij tot bruid werven voor eeuwig: Ik zal u Mij tot bruid werven door gerechtigheid en recht, door goedertierenheid en ontferming.”

Hosea 3:5 “Daarna zullen de Israëlieten zich bekeren, en de Here, hun God, zoeken, en David, hun koning, en bevende komen tot de Here en tot zijn heil, in de dagen der toekomst.”

Joël 3:16 “En de Here brult uit Sion en verheft zijn stem uit Jeruzalem, zodat hemel en aarde beven. Maar de Here is een schuilplaats voor zijn volk en een veste voor de kinderen Israëls.”

Amos 3:2 “U alleen heb Ik gekend uit alle geslachten van het aardrijk; daarom zal Ik al uw ongerechtigheden aan u bezoeken.”

Sefanja 3:10 “Te dien tijde zal Ik u doen komen, namelijk ten tijde dat Ik u verzamelen zal. Want Ik zal u stellen tot een naam en tot een lof onder alle volken der aarde, wanneer Ik voor uw ogen een keer zal gebracht hebben in uw lot, zegt de Here.”

Mattheüs 10:5-6 “Deze twaalf heeft Jezus uitgezonden en Hij gebood hun, zeggende: Wijkt niet af op een weg naar heidenen, gaat geen stad van Samaritanen binnen; begeeft u liever tot de verloren schapen van het huis Israëls.”

Mattheüs 15:24 “Hij echter antwoordde en zeide: Ik ben slechts gezonden tot de verloren schapen van het huis Israëls.”

Mattheüs 19:28 “Jezus zeide tot hen: Voorwaar, Ik zeg u, gij, die Mij gevolgd zijt, zult in de wedergeboorte, wanneer de Zoon des mensen op de troon zijner heerlijkheid zal zitten, ook op twaalf tronen zitten om de twaalf stammen van Israël te richten.”

Lucas 1:33 “En Hij zal als koning over het huis van Jakob heersen tot in eeuwigheid, en zijn koningschap zal geen einde nemen.”

Lucas 1:54-55, 68 ”Hij heeft Zich Israël, zijn knecht, aangetrokken, om te gedenken aan barmhartigheid, gelijk Hij gesproken heeft tot onze vaderen voor Abraham en zijn nageslacht in eeuwigheid, Geloofd zij de Here, de God van Israel, want Hij heeft omgezien naar zijn volk en heeft het verlossing gebracht.”

Johannes 10:11 “Ik ben de goede herder. De goede herder zet zijn leven in voor zijn schapen. (Israël).”

Johannes 10:26-28 ”Maar gij gelooft niet, omdat gij niet tot mijn schapen behoort. Mijn schapen horen naar mijn stem en Ik ken ze en zij volgen Mij, en Ik geef hun eeuwig leven en zij zullen voorzeker niet verloren gaan in eeuwigheid en niemand zal ze uit mijn hand roven.”

Handelingen 5:31 “Hem heeft God door zijn rechterhand verhoogd, tot een Leidsman en Heiland om Israel bekering en vergeving van zonden te schenken.”

Handelingen 13:23 ”Uit zijn geslacht (David) heeft God naar de belofte voor Israel de Heiland Jezus doen komen.”

Handelingen 26:6-7 “En nu sta ik voor het gerecht om mijn hoop op de belofte, die door God aan onze vaderen gedaan is; welke onze twaalf stammen, door voortdurend nacht en dag God te vereren, hopen te bereiken. Om deze hoop, o koning, word ik door Joden aangeklaagd.”

Romeinen 9:4-5 “Immers, zij zijn Israëlieten, hunner is de aanneming tot zonen en de heerlijkheid en de verbonden en de wetgeving en de eredienst en de beloften; hunner zijn de vaderen en uit hen is, wat het vlees betreft, de Christus, die is boven alles, God, te prijzen tot in eeuwigheid! Amen.”

Romeinen 9:27 “En Jesaja roept over Israel uit: Al was het getal der kinderen Israëls als het zand der zee, het overschot zal behouden worden.”

Romeinen 11:1-2 “Ik vraag dan: God heeft zijn volk toch niet verstoten? Volstrekt niet! Ik ben immers zelf een Israëliet, uit het nageslacht van Abraham, van de stam Benjamin. God heeft zijn volk niet verstoten, dat Hij tevoren gekend heeft. Of weet gij niet, wat het schriftwoord zegt in de geschiedenis van Elia, als hij Israel bij God aanklaagt.”

Openbaring 7:4 “En ik hoorde het getal van hen, die verzegeld waren: honderdvierenveertigduizend waren verzegeld uit alle stammen der kinderen Israëls.”

Openbaring 21:12 “En zij had een grote en hoge muur en zij had twaalf poorten en op de poorten twaalf engelen, en namen op de poorten geschreven, welke zijn die van de twaalf stammen der kinderen Israëls.”

Uit hierboven genoemde Schriftgedeelte en nog vele anderen is het duidelijk dat de vraag “Wie is Israël?” Niet een spel met woorden is. Dit is één van de belangrijkste vragen  die een zoeker naar Bijbelse waarheden zich zelf kan stellen. Nu wij een duidelijk getuigenis hebben gegeven van de belangrijkheid van het fysieke Israël beide in het Oude en Nieuw Testament. Daar wij nu naar een antwoord kunnen zoeken op de vraag Wie is Israël?

Miljoenen Christenen maken aanspraak dat zij het geestelijk Israël zijn. De overgrote meerderheid van predikanten en theologen geloven dit ook, zelfs de Kerkelijke wereld leert dat de ‘heidenen’ nu het geestelijk Israël zijn. Waarom maken zoveel ‘Christenen’ aanspraak op die status van een geestelijk Israël? Dit is ontstaat uit het feit dat de lezers van de Bijbel er achter kwamen dat al de Verbonden, Beloften en Waarborgen van de Levende God alleen aan Israël gegeven is.

Dit erfdeel van Israël is wederrechtelijk overgedragen aan de ‘Christelijke Kerk’. Predikanten hebben geprobeerd om het fysieke Israël uit een boek te schrappen die aan en voor hen is geschreven, en zo is het plan ontstaan om het fysieke Israël uit het Boek te halen, en hebben zij al de beloften en verbonden die in de Schrift aan het fysieke Israël is gericht worden overgeven aan de Christelijke Kerk. Om deze vervangingstheologie respectabel te maken verwijzen zij eenvoudig naar Christenen als het geestelijke Israël. Wat zij in werkelijk bedoelen is dat de Christelijke Kerk de plaats van het fysieke Israël heeft ingenomen.

Indien wij een antwoord op de vraag willen krijgen , “Wie is Israël?” Dan is het zeer duidelijk dat wij dit buiten de theologische dogma’s van de Kerk zullen moeten zoeken. De denominale Kerk is niet instaat om een gespecificeerde Israëliet te identificeren. Zij hebben eeuwen lang met de ontkenning van de realiteit van een fysiek Israël geleefd zodat zij eenvoudig niet in staat zijn om een Israëliet te identificeren. Men kan niet naar een theologische inrichting van het Christendom gaan om een antwoord te vinden op onze vraag ”wie is Israël”. Het antwoord dat men wel krijgt is dat God nu een geestelijk Israël heeft, en als er nog een fysiek deel van Israël bestaat, dan wordt die door Jood vertegenwoordigd. En zij zeggen verder, God is in elk geval bezig met een universele Kerk. God heeft zijn plan voor Israël laten varen en deze vervangen door de Kerk.

De Kerk heeft de Bijbelse verhalen van een fysiek Israël zo door elkaar gemixt dat zij met een lege theologische dop zitten, zonder enige substantie. De onvoorwaarlijke Verbonden, Toezeggingen en Beloften van God is lafhartig aan de Christelijke Kerk overgedragen of geheel weggedaan. Een degelijk ontworpen vervangingstheologie heeft het grote Plan van God met zijn volk Israël totaal vervangen. Niemand denkt er aan dat hij naar zijn predikant kan gaan om een antwoord op zijn vraag te verkrijgen. Niemand kan ook de hoop koesteren om na het hedendaagse Zionisme te kijken, welke is ontstaan na het stichten van de Joodse staat Israël in 1948 om een ware Israëliet te kunnen identificeren. De overgrote meerderheid van al de Joden die vandaag in Palestina wonen, voldoen aan de vereiste van Openbaring 2:9 en 3:9 zij behoren niet tot de stam van Juda! De Joden die in de Zionistische Staat Palestina wonen zijn niet genetisch met Abraham, Isaäk en Jakob verbonden. De meeste moderne Joden zijn afstammelingen van de Chazaren. Een koninkrijk die binnen de grenzen van de Oude Sovjet Staat lag, de grenzen lagen tussen de Zwarte en Kaspische Zee.

Het zal zeer moeilijk zijn om nu een waarachtige Bijbelse Israëliet in Palestina te identificeren. Het bloed van de oude Hebreeuwse-Israëlieten vloeien niet in de aderen van de Asjkenazim Joden die nu in Palestina wonen. Een ieder die in het ware Israël binnen de grenzen van Palestina wonen wil identificeren zal geweldig teleurgesteld worden.


Verloren geslachtsregisters.

We worden behoorlijk gekortwiekt in ons onderzoek, want de geslachtsregisters die éénmaal door het fysieke Israël is bijgehouden zijn verloren gegaan. Toen miljoenen Israëlieten van het Noordelijk Koninkrijk van het Huis van Israël gevangen werden genomen door de Assyrische legers en verspreid in de landen van de Mede en de Perzen werd de familiegeschiedenis van deze Israëlieten grotendeels uitgewist. Sedert dien is er in de Bijbel geen geslachtsregisters van die Israëlieten beschikbaar. Er zijn geen onderzoek centra waarheen iemand kan gaan om de geslachtsregisters van het oude Israël te onderzoeken. Wat ik niet begrijp is, waarom wordt er op aarde door ‘de wetenschap’ alles onderzoekt behalve één belangrijk feit? Men onderzoek alle soorten zwarte volken, indianen, enz, maar niemand stelt er belang bij om zich aftevragen waar de blanken vandaan komen?

Waarheen kunnen we gaan op onze zoektocht naar de Israëlieten? Wat zal onze criteria moeten zijn om te bepalen wie is een Israëliet? Hoe kunnen wij vandaag het echte nageslacht van Abraham, Isaäk en Jakob op aarde nog te vinden? Laten wij bij Adam beginnen.

Genesis 5:1-2 “Dit is het geslachtsregister van Adam. Ten dage, dat God Adam schiep, maakte Hij hem naar de gelijkenis Gods; man en vrouw schiep Hij hen, en Hij zegende hen en noemde hen ‘mens’ ten dage, dat zij geschapen werden.”

Hier in Genesis 5 begint de oorsprong van de ‘mens.’Met als leidersfiguren: Adam, Set, Enos, Mahalael, Jered, Henoch, Mutuselach, Lamech en Noach. De levens van deze aardsvaders (allen Adamieten waar Israël uit is voortgekomen) dekt een kleine tweeduizend jaar van de chronologie. Na de vloed van Noach liep de lijn van het verbondszaad door Sem, Noach zoon. Genesis 11:10-32 en deze lijn dekt de volgende tien geslachten van het Aadamszaad die nu Semieten genoemd worden (het nageslacht van Sem) Dit worden de hoofdfiguren als het natuurlijke zaad waaruit het fysieke Israël zou ontstaan – de lijn loopt als volgt -Sem, Arpagsad, Selag, Heber, Peleg, Rehu, Nahor, Tera en Abraham. Herber was de eerste Hebreeër. Daarna werden de afstammelingen van Sem bekend als Hebreeërs – of zoals zij genoemd worden Semitische mensen. De namen Adamieten, Semieten en Hebreeërs wordt alleen gebruik om één en hetzelfde volk te beschrijven, dus die van de éérste mens, Adam afstammen.

Met Abraham (als gecertificeerde Adamietische/Semitische, Hebreeër) begint een nieuw hoofdstuk in onze zoektocht naar de Israëlieten. Abraham is de vader geworden van acht zonen. Hagar baarde Ismaël die de vader Arabische natiën is geworden. Saraï baarde Isaäk die de uitverkoren zaadlijn werd van het gecertificeerde, fysieke volk Israël.

Genesis 21:12 “Maar God zeide tot Abraham: Laat dit niet kwaad zijn in uw ogen, om de jongen en om uw slavin; in alles wat Sara tot u zegt, moet gij naar haar luisteren, want door Isaak zal men van uw nageslacht spreken.”

Hebreeërs 11:18a “Hij, tot wie gezegd was: Door Isaäk zal men van nageslacht van u spreken.”

Abraham werd na Sara’s dood ook de vader van zes zonen bij Ketura geworden, maar het was alleen het nageslacht van Isaäk dat in aanmerking kwam van al de beloften die God aan Abraham gegeven heeft.

Romeinen 9:7-8 “En zij zijn ook niet allen kinderen, omdat zij nageslacht van Abraham zijn, maar: Door Isaäk zal men van nageslacht van u spreken. Dat wil zeggen: niet de kinderen van het vlees zijn kinderen Gods, maar de kinderen der beloften gelden voor nageslacht.”

Het gecertificeerde zaad van het fysieke begint met Adam en wordt door de genen van de voorvaders voorgedragen die in Genesis 5 en Genesis 11 genoemd worden tot aan Abraham en zijn halfzuster Saraï. Abraham en Saraï als man en vrouw vertegenwoordigen de verenigde, gecertificeerde, zuiver zaad door wie God het fysieke Israël zal voortbrengen.

Jesaja 51:1-2 “Hoort naar Mij, gij die de gerechtigheid najaagt, gij die de Here zoekt. Aanschouwt de rots waaruit gij gehouwen zijt, en de holte van de put waaruit gij gegraven zijt; aanschouwt Abraham, uw vader, en Sara, die u baarde; want Ik riep hem als eenling en Ik zegende hem en vermenigvuldigde hem.”

Het is niets anders dan een groot wonderwerk van God het fysieke Israël uit Abraham en Saraï ’s lenden heeft laten voortkomen. Beide waren de leeftijd voor het verwekken en baren van kinderen al lang voorbij. In die zin kunnen we zeggen, dat het fysieke Israël een wondervolk is. Isaäk vertegenwoordigt meer dan alleenmaar het eerstgeboorterecht als zoon. Hij is het beloofde zaad dat God aan Abraham en Saraï had toegezegd. In Isaäk zou het zaad of nageslacht van het fysieke Israël beginnen en worden vermeerderd. De vrouw die de Here God voor Isaäk had uitgekozen was geen gewone vrouw. Totaal anders dan de gewoonte van de multiculture, veelrassige vermengers van die tijd. Abraham is voorzichtig te werk gegaan om een vrouw voor Isaäk uit te zoeken (Genesis 24). Rebekka werd niet gekozen omdat zij binnen de cultuur en geloof van Isaäk was, maar wat belangrijker was, zij had dezelfde genetische achtergrond als Isaäk.

Twintig jaar na Isaäk en Rebekka’s huwelijk (Genesis 25), baarde Rebekka een tweeling, Jakob en Ezau. Jakob werd op zijn beurt het uitverkoren instrument waardoor het toekomstige zaad zou vermenigvuldigen tot de twaalf stammen van Israël. Jakob is de vader geworden van twaalf zonen: Reuben, Simeon, Levi, Juda, Issakar, Zebulon, Jozef, Benjamin, Dan, Naftali, Gad en Aser. Deze twaalf zonen zijn uit verschillende moeders geboren (Lea en Rachel waren volbloed zusters en kinderen van Laban, de broer van Rebekka, Jakobs moeder. Silpa en Bilha waren ook zusters en dienstmeisjes uit het verbondszaad.

De naam Israël komt voor het eerst voor in Genesis 32:28 waar God met Jakob praat:

”Toen zeide hij: Uw naam zal niet meer Jakob luiden, maar Israel, want gij hebt gestreden met God en mensen, en gij hebt overmocht.”

Deze naamsverandering wordt later in Genesis 35:10 bevestigd:

”En God zeide tot hem: Gij heet Jakob; gij zult niet meer Jakob heten, maar Israel zal uw naam zijn. En Hij noemde hem Israel.”


Israël het middelpunt van de Bijbel

De naam Israël heeft een geweldige betekenis in de verhouding en plan van God. Israël betekent een prins of volk dat heerst met God. Israël is de familie naam geworden van al Jakobs zonen, als ook het gehele nageslacht die uit de twaalf stammen zijn voortgekomen. Toen Jakob’s familie vermeerderden tot een machtig volk van drie miljoen, ten tijden van de Exodus waren zij collectief en nationaal bekend als de kinderen Israëls.

Vanaf het Boek Exodus, door geheel het Oude Testament zouden de kinderen en nageslacht Jakob/Israël bekend staan als de kinderen van Israël. Aan dit volk is de Bijbel geschreven. Het middelpunt van de gehele Bijbel is gericht op het fysieke Israël. Aan hen had de apostel Paulus zijn brieven gericht.

Romeinen 9:4-5 “Immers, zij zijn Israëlieten, hunner is de aanneming tot zonen en de heerlijkheid en de verbonden en de wetgeving en de eredienst en de beloften; hunner zijn de vaderen en uit hen is, wat het vlees betreft, de Christus, die is boven alles, God, te prijzen tot in eeuwigheid! Amen.”

Diegenen die bekend zijn met de Heilige Schrift beseffen welk een implicatie van deze proclamatie inhoudt. Wanneer wij die onderwerpen van aanneming, de heerlijkheden en de verbonden, wet, eredienst, en al de beloften en het leven van Jezus Christus bestuderen zullen wij gaan beseffen dat zij allen aan het fysiek Israël verbonden zijn, wat kan men nu nog meer zeggen? Het is een opsomming van de gehele Bijbel. Tenzij wij het fysieke Israël kunnen identificeren, zullen wij de Bijbel niet begrijpen. Ons persoonlijk geloof in de persoon van Jezus Christus zal ons zeker leiden naar een studie van Gods Woord, die op zijn beurt ons weer zal verzekeren en leiden tot de ontdekking van de identificatie van het fysieke Israël. Die mensen zijn de hoofdkarakters van de Bijbel, erfgenamen van de Verbonden, en de ontvangers van de zegeningen van God. Zij zijn tevens de uitvoerders van Gods opdrachten. Deze zijn de bezitters van de Bijbelse waarborgen. Het zaad waarop de zegeningen van God gevallen is.

Is het buitengewoon als iemand vraagt, Wie is Israël? Deze vraag neemt ons terug naar het verslag in het boek Genesis, waar dit genetische zaadbed van het fysieke Israël in het begin door hun God werd uitverkoren. Door alle eeuwen heen is deze uitverkiezing door een jaloerse, soevereine God bewaard. Dit is wat wij in de Heilige Schrift vinden opgeschreven, en is tevens de gezag maat van het voortbestaan van een fysiek Israël. Niemand kan het verhaal van het verslag in Genesis doorlezen en niet verbaast worden over de nauwgezetheid en zorg die de Here God aan deze uitverkiezing gaf aan de genetische programmering van deze teelwaarde waaruit het fysieke Israël zou voortkomen. Diegene die dit niet kan zien heeft de alle grootste waarheden van de Bijbel gemist.


Israël in de verstrooiing

Aan het einde van het Oude Testamentische verhaal was de oorspronkelijke meerderheid van Israël (al de twaalf stammen) in de verstrooiing onder de volken. De Noordelijke tien stammen van Israël zijn ongeveer in 721 n.Chr. geheel in gevangenschap weggevoerd naar de landen van de Mede en de Perzen.

2 Koningen 18:9-12 “In het vierde jaar van koning Hizkia dat is het zevende jaar van Hosea, de zoon van Ela, de koning van Israel trok Salmanassar, de koning van Assur, op tegen Samaria en sloeg het beleg ervoor. Men nam het in na verloop van drie jaren; in het zesde jaar van Hizkia (dat is het negende jaar van Hosea, de koning van Israel) werd Samaria ingenomen. De koning van Assur voerde Israel in ballingschap naar Assur en bracht hen naar Chalach, Chabor, de rivier van Gozan en de steden der Meden, omdat zij niet hadden geluisterd naar de Here, hun God, maar zijn verbond hadden overtreden: al wat Hij aan Mozes, de knecht des Heren, had geboden; zij hadden er niet naar geluisterd en het niet gedaan.”

Sommige Bijbelgeleerden hebben berekend dat er ongeveer 10 miljoen mensen in gevangenschap werden weggevoerd. Ook een groot deel van Juda (uit het zuidelijk koninkrijk) werden door de Assyrische legers in ballingschap weggevoerd.

2 Koningen 18:13 “In het veertiende jaar van koning Hizkia trok Sanherib, de koning van Assur op tegen alle versterkte steden van Juda en bezette ze.”

In 606-607 n.Chr. werd maar een zeer klein deel van Juda, Benjamin, Levi in gevangenschap naar Babel weggevoerd. De hoofdgroep van het Zuidelijke koninkrijk Juda was lang voor deze wegvoering met de andere Israëlieten van het Noordelijke koninkrijk verenigd en weggevoerd. De Assyriërs (de uitvoerders van Gods wraak) heeft deze beide hoofdgroepen naar het lande der Mede en Perzië gebracht. Vanuit dit nieuwe thuisland zouden later de miljoenen Israëlieten zich op weg in Noordwestelijke richting begeven en zo trokken zij dan over de Kaukasische gebergten en over de vlakte van Rusland, naar Noordwest Europa, Scandinavië en de Britse eilanden.

Het is maar een klein overblijfsel van het koninkrijk Juda die na zeventig jaar uit Babylon terugkeerde om de tempel en de muren van Jeruzalem te herbouwen. Minder dan 50.00 mensen, uit de stammen van Juda, Benjamin, en Levi zijn uit hun ballingschap naar Jeruzalem teruggekeerd.

Ezra 2:64-65 “De gehele gemeente tezamen was tweeenveertigduizend driehonderd zestig, afgezien van hun slaven en slavinnen, van welke er zevenduizend driehonderd zevenendertig waren; zangers en zangeressen hadden zij tweehonderd.”

In ons zoeken naar het antwoord op de vraag, Wie is Israël? Is het zeer belangrijk om sommige geschiedkundige inlichtingen op de graven waaruit de migraties van de twaalf stammen uit hun thuisland zullen demonstreren. Deze miljoenen Israëlieten zijn nooit naar Palestina teruggekeerd. Zij zijn tussen de volken verstrooid, en Petrus en Jakobus adresseren hun brieven aan deze verstrooide Israëlieten.

Jakobus 1:1 “Jakobus, een dienstknecht van God en van de Here Jezus Christus, groet de twaalf stammen in de verstrooiing.”

1 Petrus 1:1 “Petrus, een apostel van Jezus Christus, aan de vreemdelingen, die in de verstrooiing zijn in Pontus, Galatie, Kappadocie, Asia en Bitynie.”

Elke brief van hen getuigt daarvan. Jezus Christus zelf getuigd dat Hij nog andere schapen heeft die toen niet bij Hem aanwezig waren in Judea.

Johannes 10:16 “Nog andere schapen heb Ik, die niet van deze stal zijn; ook die moet Ik leiden en zij zullen naar mijn stem horen en het zal worden een kudde, een herder.”

Wie zijn deze schapen? Dit zijn dezelfde mensen de twaalfstammen die Jakobus en Petrus in het vizier had. In het begin van de Christelijke tijdperk geeft Johannes in zijn evangelieverhaal een bevestiging van het bestaan van deze Israëlieten in de verstrooiing

Johannes 7:35 “De Joden dan zeiden tot elkander: Waar zal deze heengaan, dat wij Hem niet zullen kunnen vinden? Hij is toch niet van plan naar de Griekse verstrooiing te gaan en de Grieken te leren?”

De mensen in de Grieken verstrooiing, waren hoofdzakelijk Israëlieten van het Zuidelijke koninkrijk (Juda, Benjamin en Levi) De natiën of heidenen waren de Israëlieten in de verstrooiing die afgesneden waren of vervreemd geraakt van het burgerschap van Israël, gescheiden van de verbonden, uitgebannen uit de tegenwoordigheid van God en wisten niet meer wie ze waren.

Efeze 2:12 “Dat gij te dien tijde zonder Christus waart, uitgesloten van het burgerrecht Israëls en vreemd aan de verbonden der belofte, zonder hoop en zonder God in de wereld.”

Het is goed om in dit verband te kijken naar Hosea 1:10 om een bevestiging te krijgen van de profeet die voorspelde dat Israël (het verloren huis van Israël) opnieuw kinderen van God zouden worden.

Hosea 1:10 “Eens echter zullen de kinderen Israëls talrijk wezen als het zand der zee, dat niet te meten of te tellen is. En ter plaatse waar tot hen gezegd wordt: Gij zijt mijn volk niet, zullen zij genoemd worden kinderen van de levende God.”

Ook de apostel Paulus bevestigd de profeten als hij schrijft aan de heilige te Rome dat zij geen heidenen zijn maar de verloste kinderen van Hosea 1:10. Kijk wat Paulus schrijft.

Romeinen 9:24-26 “En dat zijn wij, die Hij geroepen heeft, niet alleen uit de Joden, maar ook uit de heidenen, gelijk Hij ook bij Hosea zegt: Ik zal niet-mijn-volk noemen: mijn-volk, en de niet-geliefde: geliefde. En het zal geschieden ter plaatse, waar tot hen gezegd was: gij zijt mijn volk niet, daar zullen zij genoemd worden: zonen van de levende God.”

Paulus toont aan dat er een nieuwe verbintenis is tussen de afgesneden Israëlieten van het Noordelijke Koninkrijk (tien stammen) die kennis heeft genomen van Jezus Christus.

Wanneer wij Romeinen 11 voorzichtig bestuderen zal dit bevestigen dat de wilde Olijfboom (heidenen die op een natuurlijke olijfboom ingeënt worden) de waarheid Israël is dat zij in de verstrooiing zijn.

Paulus brengt het Huis van Israël (beide de natuurlijke olijftakken (koninkrijk van Juda) en de wilde olijftakken takken (het Noordelijk Koninkrijk) in een Lichaam bij elkaar, het Lichaam van Jezus Christus. Daarom kan Paulus met recht zeggen:

Romeinen 11:26 “En aldus zal gans Israel behouden worden, gelijk geschreven staat: De Verlosser zal uit Sion komen, Hij zal goddeloosheden van Jakob afwenden.”

De Heidenen van het Nieuwe Testament waren dus die miljoenen Israëlieten die reeds zevenhonderd jaar van de tevoren afgesneden waren door de Assyrische koning die hen in ballingschap weggevoerd heeft. Dit wordt door Petrus bevestigd.

1 Petrus 2:9-10 “Gij echter zijt een uitverkoren geslacht, een koninklijk priesterschap, een heilige natie, een volk Gode ten eigendom, om de grote daden te verkondigen van Hem, die u uit de duisternis geroepen heeft tot zijn wonderbaar licht: u, eens niet zijn volk, nu echter Gods volk, eens zonder ontferming, nu in zijn ontferming aangenomen.”

Dit is een parafrase van Exodus 19:5:

”Nu dan, indien gij aandachtig naar Mij luistert en mijn verbond bewaart, dan zult gij uit alle volken Mij ten eigendom zijn, want de ganse aarde behoort Mij. En gij zult Mij een koninkrijk van priesters zijn en een heilig volk. Dit zijn de woorden die gij tot de Israëlieten spreken zult.”

Dit gedeelte uit Exodus 19 en 1 Petrus is aan hetzelfde volk verbonden, namelijk de Israëlieten in de verstrooiing. Deze mensen worden heidenen genoemd in het Nieuwe Testament en dit zijn die mensen die een oor hebben om naar Jezus Christus te luisteren en Hem belijden als hun Verlosser en Meester.

Maar dit was niet alles. Ga terug naar 1 Petrus 2:10 en lees verder: “U, eens niet zijn volk, nu echter Gods volk, eens zonder ontferming, nu in zijn ontferming aangenomen.” Ontdekt u de boodschap! Maakt de Heilige Geest dit voor u open? Kunt u zien hoe dat het Koninkrijk van Israël (tien stammen) in Hosea verbonden worden met de mensen van die Petrus schrijft in zijn brief?

Wij kunnen samen met Paulus zeggen:

Romeinen 11:1-5 “Ik vraag dan: God heeft zijn volk toch niet verstoten? Volstrekt niet! Ik ben immers zelf een Israëliet, uit het nageslacht van Abraham, van de stam Benjamin. God heeft zijn volk niet verstoten, dat Hij tevoren gekend heeft. Of weet gij niet, wat het schriftwoord zegt in de geschiedenis van Elia, als hij Israel bij God aanklaagt: Here, uw profeten hebben zij gedood, uw altaren hebben zij omvergehaald; ik ben alleen overgebleven en mij staan zij naar het leven. Maar wat zegt de godsspraak tot hem? Ik heb Mij zevenduizend man doen overblijven, die hun knie voor Baal niet hebben gebogen. Zo is er dan ook in de tegenwoordige tijd een overblijfsel gelaten naar de verkiezing der genade.”


Historische sporen

Wij moeten de historische sporen van de Tien Stammen niet uit het oog verliezen na hun ballingschap en verstrooiing onder de hand van de Assyrische koningen. In het boek 4 Ezra hoofdstuk 13:39-45, staat interessante inlichtingen met betrekking tot de tien stammen van Israël.

“En dat gij gezien hebt, dat hij een andere vreedzame menigte tot zich vergaderd heeft; Deze zijn de tien stammen, die uit hun land gevangen zijn genomen in de dagen van de koning Hosea, die Salmanasser de koning der Assyriërs gevankelijk weggevoerd heeft, en heeft hen over de rivier gevoerd, en zij zijn overgebracht in een ander land. Doch zij besloten, dat zij de menigte der heidenen zouden verlaten, en in een verder land vertrekken, waar geen menselijk geslacht ooit tevoren gewoond had. Daar wilden zij hun rechten onderhouden, die zij in hun land niet gehouden hadden. Zij zijn dan daarin getogen door de enge ingangen van de rivier Eufraat. Want de Allerhoogste deed hun toen tekenen, en hield de aderen der rivier op, totdat zij daarover gegaan zijn. Want door dat land was een weg van een lange reis van anderhalf jaar, daarom wordt die landstreek Assareth genoemd.”

In dit historische gedeelte uit 4 Ezra 4:39-45. Zien we hoe de Tien Stammen van Israël over de Kaukasische gebergten gemigreerd naar de vlakte van Rusland, Noorwegen West-Europa, De Britse Eilanden en uiteindelijk naar Amerika, Canada, Australië. Nieuw Zeeland, Zuid-Afrika en andere plaatsen.

In de eerste eeuwen van de Christelijke jaar telling waren deze volken van Europa de letterlijke kinderen van de verloren tien stammen van Israël die ongeveer zevenhonderd jaar tevoren uit hun land Kanaän verdreven waren, en naar de landen van de Meden en de Perzen gedeporteerd werden door de Assyrische koningen.

Flavius Josephus, een bekende Joodse geschiedkundige die in de eerst eeuw leefde en een tijdgenoot was van de meeste apostelen bevestigt het bestaan van de tien stammen van Israël in de volgende woorden:”Er zijn maar twee stammen (van Israël) in Azië en Europa die aan Rome onderworpen zijn, terwijl de tien stammen aan de andere kant van de Eufraat zijn tot aan deze dag, een grote menigte.” (Antiquiteit of the Jews Book XI, Chapter V, de verzen 2, p, 243).

U moet niet verbaasd zijn dat Israël van het Noordelijke koninkrijk, verloren geraakt is nadat zij uit hun land verwijderd zijn. 1 Koningen 14:15 is een profetie die aankondigen dat Israël verstrooit zal worden aan de andere kant van de Eufraat: “Dan zal de Here Israel slaan, zodat het wiegelt als riet in het water en Hij zal Israel wegrukken van deze goede grond die Hij hun vaderen gegeven heeft, en Hij zal hen aan de overzijde van de Rivier verstrooien, omdat zij hun gewijde palen gemaakt, en daardoor de Here gekrenkt hebben.”

Israël is mettertijd uit hun land ontworteld, en miljoenen van hen zijn naar het Assyrische Rijk overgeplaatst, na Chalach en Chabor bij de rivier Gozan en in de verschillende steden van Medië.

2 Koningen 18:11 “De koning van Assur voerde Israel in ballingschap naar Assur en bracht hen naar Chalach, Chabor, de rivier van Gozan en de steden der Meden.”

Miljoenen mensen die een unieke Israël cultuur, taal, ras en godsdienst delen, lossen niet zo maar op in de lucht. Deze grote menigte van mensen, die men in miljoenen kon tellen, zijn in massa’s over het Kaukasische gebergte getrokken en begonnen aan een lange tocht, west en noordwaarts naar Europa, naar de landen die al eerder zijn genoemd.

Men moet niet vergeten dat de naam Kaukasiër synoniem wordt met die van het blanke ras, omdat de Kaukasische gebergte die gelegen waren (tussen de Zwarte en Kaspische zee), de plaats was waar zij zijn ontstaan. Daar werd het Angelsaksische ras opgespoord. Sharon Turner, een welbekend historicus heeft in zijn gezagwekkend boek “The History of the Anglo Saxons” laten zien hoe hij de Anglo Saksers in deze Kaukasische Gebergten heeft terug gevonden. Het eerste deel van dit boek werd reeds in 1799 en 1805 gepubliceerd..

Het is interessant om te zien wat de Jewisch Encyclopedia te zeggen heeft over de verloren stammen van Israël: “De verloren tien stammen”….als de tien stammen verdwenen zijn, zal de letterlijke vervulling van de profetieën onmogelijk worden; als zij niet verdwenen zijn, moeten zij onder andere namen bekend staan…”

Lezer onderstreep a.u.b. de belangrijkheid van de behoefte, dat de tien stammen van Israël wel moeten bestaan, zodat de Bijbelse profetieën vervuld kunnen worden. Als Israël niet meer bestaat, zullen de profeten en die God die hem heeft geïnspireerd in schaamte moeten blozen.

De Tien Stammen waren altijd met grote geheimzinnigheid omhult. Heeft u zich wel eens afgevraagd hoe het kan, dat er miljoenen mensen zijn zoekgeraakt in de geschiedenis? Kijk eens naar de volgende getuigen uit de Jewish Chronicle van 2 mei 1879. Dit is een verklaring naar aanleiding van wat Josephus te zeggen heeft gehad over de verloren tien stammen van Israël:

“Er was altijd onwil om te erkennen dat het lot van zoveel natiën is overkomen ook de Tien Stammen heeft getroffen. Waarom zouden zij minder overlevingskracht hebben dan hun broeders van Juda? Nee, de Schrift spreekt van een toekomstig herstel van Israël, die zeer duidelijk beide insluit Juda zowel als Efraïm. Het probleem, is echter eenvoudig. De Tien Stammen bestaan nog steeds. Al wat gedaan moet worden is om uit te zoeken door welke groep mensen zij nu vertegenwoordigd worden.”

De heilige Schrift vereist het bestaan van een fysiek Israël en tevens haar fysieke herstel. Zij zijn waarachtig de verloren schat in de wereld waarvoor Jezus met zijn eigen leven heeft betaald. Zo’n belangrijke zaak kan niet overgeslagen worden. Wij moeten deze mensen identificeren, want de gehele Bijbel is voor en aan hen geschreven. Zij zijn het toekomstige Koninkrijksvolk van God op aarde. Hun positieve identificatie is een sleutel tot ons begrip van de gehele Schrift.

{"email":"Email address invalid","url":"Website address invalid","required":"Required field missing"}

Over mezelf

In 2011 kwam ik in aanraking met de Israël Waarheid. Ik heb daarvoor vele kerken en bijeenkomsten bijgewoond. Maar toch besefte ik dat er iets niet klopte. Dankzij Kolonel G.J. van Loon, die helaas in 2018 is overleden, kwam ik tot ontdekking hoe ik de Bijbel moest lezen. De Bijbel is niet langer een gesloten boek voor mij waardoor alle woorden in de Bijbel logisch te verklaren zijn. Ik leerde dat de Bijbel een geschiedenisboek is door en voor Israël!


Volg mij op:

Heb je deze artikelen al gelezen?


De naam
Voor de dag van Pinksteren 33 n. Chr.
De waarheid over de Dode Zee Rollen.
Dus wie waren de Masoreten?
Een beetje meer over de Septuagint.
Nu de heilige naam.
We beginnen met de Sefardische.
De Hoe en het Waarom
Wie zijn dan de Joden?
Wie is Abrahams zuster, wie is zijn vrouw?
>